Verder samenwerken aan een veilige, beweegvriendelijke schoolomgeving
Terugblik op de tweede sessie van de Masterclass Beweegvriendelijke Veilige Schoolomgeving op 16 juni 2025 in Utrecht
De tweede editie van de masterclass stond in het teken van herontwerp: wat als we de schoolomgeving echt opnieuw durven inrichten. Niet vanuit regels en verkeer, maar vanuit het kind? Professionals uit het hele land; van beleidsadviseurs en JOGG-regisseurs tot mobiliteitsmakers, kwamen samen om de diepte in te gaan: hoe maken we veilige en beweegvriendelijke schoolomgevingen structureel onderdeel van beleid én praktijk?
Jongeren op Gezond Gewicht
Petra Kühr gaf een korte presentatie over de rol van JOGG in het creëren van gezonde omgevingen. Zij lichtte toe hoe JOGG werkt volgens het Health in All Policies-principe, waarbij gemeenten met lokale JOGG-teams, bestaande uit regisseurs en beleidsambtenaren, domeinoverstijgend werken aan een gezonde fysieke en sociale leefomgeving voor jeugd. “JOGG verbindt beleid met praktijk en zorgt dat gezondheidsdoelen een plek krijgen in het ontwerp van onze omgeving.”
Kenniscentrum Sport en Bewegen
Dianne Scholte reflecteerde op de essentie van een beweegvriendelijke omgeving en bracht structuur aan met het Human Capital Model en de bekende drieslag: “Voor een écht beweegvriendelijke schoolomgeving zijn hardware, software én orgware nodig.”
- Hardware: inrichting van ruimte (wegen, pleinen, infrastructuur)
- Software: gedrag en bewustzijn (ouders, kinderen, leerkrachten)
- Orgware: organisatie en afstemming (wie is verantwoordelijk, wie pakt de regie?)
Ze benadrukte dat het integreren van bewegen in het dagelijks leven, niet alleen via sporturen, maar juist via de inrichting van de dag en omgeving, een bewezen positieve invloed heeft op gezondheid, cognitieve ontwikkeling én sociale vaardigheden van kinderen.
Van verkeerssysteem naar kindvriendelijke straatcultuur
De keynote van prof. dr. Marco te Brömmelstroet was een krachtig pleidooi voor het herijken van ons denken over mobiliteit, ruimte en de plek van het kind in de samenleving. Hij schetste geen eenvoudige oplossing, maar een fundamentele uitnodiging tot systeemverandering, beginnend bij taal.
“De taal die we gebruiken, bepaalt wat we zien. En wat we zien, bepaalt wat we ontwerpen.”
De norm als probleem: de ‘plofkindnorm’
Marco gaf het voorbeeld van een school aan het spoor tussen Arnhem en Nijmegen. Ouders kregen vooraf een geruststellende brief: de school voldeed aan alle eisen. Maar de ‘schoolpleinruimte’ bleek bij oplevering slechts 755 m² voor 250 kinderen, dat is 3 m² per kind, conform de expertnorm.
“Maar wat zegt die norm eigenlijk? En wie heeft die ooit bedacht?”
Het zette de toon voor zijn centrale stelling: veel van wat we nu vanzelfsprekend vinden in de inrichting van de openbare ruimte, is gebaseerd op keuzes en taal uit het verleden. Die taal stelt de auto centraal, en verplaatst verantwoordelijkheid, letterlijk, naar het kind.
De straat als spiegel van onze keuzes
Marco nam de deelnemers mee op een visuele reis langs straten door de tijd:
- Mulberry Street, New York (1920): een levendige straat vol kinderen, handel, spel en ontmoeting.
- Diezelfde straat, 100 jaar later: een lege, gestroomlijnde doorgangsroute voor auto’s. Het kind is verdwenen.
Wat is er gebeurd in die 100 jaar?
De auto werd eerst een luxeproduct, daarna massaproduct. Regels, normen en instituten groeiden mee. De straat werd ‘verkeersruimte’, de mens ‘verkeersdeelnemer’.
“Kinderen kregen niet langer vanzelfsprekend de ruimte, ze kregen de schuld. In tien jaar tijd verschoof de verantwoordelijkheid van infrastructuur naar gedrag: het kind had beter moeten uitkijken.”
Van oerbos naar productiebos
Aan de hand van het idee van performativiteit legde Marco uit hoe we complexe realiteit reduceren tot modellen die we kunnen beheren:
- Een bos wordt geen ecosysteem meer, maar een verzameling Normalbäume, ‘handige’ bomen voor houtproductie.
- Een stad wordt geen plek voor ontmoeting en leven meer, maar een netwerk van pijpleidingen gericht op reistijdwinst.
Zo ontstaan steden met een ‘verkeersinfarct’ waar de oplossing steeds weer gezocht wordt in bypasses en uitbreiding, in plaats van het systeem zelf ter discussie te stellen.
Expertsessie Marco te Brömmelstroet
Marco te Brömmelstroet neemt ons mee in zijn aanpak om, in plaats van een geplande Kiss&Ride zone bij de school van zijn eigen kinderen, de schoolomgeving beweegvriendelijker te maken. Kijk het nog eens terug!
De case Ede: een illustratie van systeemdenken
Een beeld uit zijn presentatie liet het treffend zien:
In Ede werd een nieuwe woonwijk aangelegd met een basisschool tussen spoor en weg. De school ligt in een ‘verkeersveilige’ zone, maar het plein is ingesloten, versteend, en afgestemd op de logica van bereikbaarheid.
Alles klopt volgens de normen, maar voelt dat ook zo?
“Als je een school zo positioneert dat kinderen volledig afhankelijk zijn van een kiss & ride, zeg je eigenlijk: dit is geen ruimte voor spel, maar voor doorstroming.”
Een andere taal, een ander verhaal
Marco riep op om een nieuwe taal te ontwikkelen. Een taal die niet spreekt over congestie en efficiëntie, maar over kinderrechten, leefruimte, spel en autonomie.
Hij gaf voorbeelden van hoe steden dat al doen:
- Parijs: honderden schoolstraten met gesloten hekwerken voor verkeer, gericht op spel en ontmoeting.
- Barcelona & Portland: participatieve ontwerpen met kinderen aan tafel.
- Amsterdam: burgerraadplegingen over ruimtegebruik waarbij veiligheid van kinderen structureel op 1 kwam.
“Kinderen moeten hier fatsoenlijk kunnen spelen. Dat vinden alle ouders belangrijk. Dus waarom is ‘veiligheid’ nergens een uitgangspunt in de inrichting?”
Tot slot: van denken naar handelen
Marco gaf deelnemers concrete handvatten:
- Spreek actief een andere taal. Gebruik geen technische termen als vanzelfsprekend, maar vraag je af wat ze verhullen.
- Stel fundamenteel andere vragen. Niet: “Hoe kunnen we files voorkomen?” maar: “Wat heeft een kind nodig om zelfstandig en veilig naar school te kunnen?”
- Doe een interventie. Gebruik krijt, tape of een proefopstelling. Laat de straat visueel en tijdelijk anders functioneren en leer van het gedrag dat volgt.
“Als je zelf kunt bedenken wat de oplossing is, blijf je waarschijnlijk binnen het bestaande denkkader. Laat het los. Begin bij het kind.”
Casuspresentatie &Morgen, door Brechtje Walburgh Schmidt
Brechtje lichtte namens &Morgen een praktijkcasus toe waarbij twee scholen zijn gesitueerd aan een drukke kiss & ride-zone, met veel (bijna-)ongelukken, onduidelijke oversteekpunten en chaos bij het halen en brengen.
Samen met bewoners, ouders en kinderen is er gekozen voor een stapsgewijze en op maat gemaakte aanpak, gebaseerd op:
- Beleving en perceptie van veiligheid (niet alleen data)
- Observaties van piekmomenten in verkeer
- Diepte-interviews en straatpraatsessies
- Een haalbaarheid-impactmatrix (quick wins versus structurele ingrepen)
De oplossing: de kiss & ride werd tijdelijk gesloten en heringericht als groen en veilig schoolplein. Communicatie met ouders, lessen op school en betrokkenheid van kinderen en media maakten het tot een gedragen én succesvolle pilot.
“Kinderen moeten hier veilig kunnen oversteken en spelen. Dat is niet te veel gevraagd. Dat is basis.”
Werkvorm: Aan de slag met de casus
De deelnemers gingen vervolgens zelf aan de slag met de casus, vanuit verschillende rollen (gemeente, school, ouder, fietsersbond). Doel: ontwerp oplossingen voor veiligheid, bereikbaarheid en gezondheid.
De opbrengst liet zien: gedragsverandering en infrastructuur versterken elkaar, maar alleen als ook de organisatie eromheen klopt.
Challengesbox: van denken naar doen
De Challengesbox werd nogmaals gepresenteerd als een praktische tool om kinderen, ouders en scholen op een laagdrempelige manier te activeren.
- Challenges zijn gekoppeld aan leerdoelen
- De box zet aan tot beweging én samenwerking
- Scholen maken kans op een prijs bij deelname
Een oproep werd gedaan om scholen aan te melden en deelnemers werd gevraagd dit in hun netwerk te delen.
Conclusies van de dag
- Taal is bepalend: als we blijven spreken in termen van verkeer, blijven we denken in asfalt.
- Verandering begint bij het stellen van andere vragen, zoals: wat heeft een kind nodig om zich veilig te voelen?
- Ontwerp vraagt om maatwerk en samenwerking. Er is geen blauwdruk, maar er zijn wel richtinggevende principes.
- Iedereen, van beleidsadviseur tot ouder, speelt een rol in de herinrichting van de schoolomgeving.
- Tools zoals de Challengesbox helpen om te beginnen, met het kind in de hoofdrol.
- De veiligheid van onze kinderen is geen luxe, het is een recht.